Vocabulary 9 2
Terms
undefined, object
copy deck
- meneer
- mister
- mevrouw
- Mrs, madam
- de man
- the man, husband
- de vrouw
- the woman, wife
- het kind/de kinderen
- the child
- de jongen(s)
- the boy
- het meisje
- the girl
- de broer(s)
- the brother(s)
- het zusje
- the little sister
- het huis
- the house
- de familie
- the family
- geen
- no, (not a, not any)
- of
- or
- van
- of, from
- wat
- what
- mooi
- beautiful
- ja
- yes
- nee
- no
- hoe
- how
- oud
- old
- en
- and
- één - eerste
- one - first
- twee - tweede
- two - second
- drie - derde
- three - third
- vier - vierde
- four - fourth
- vijf - vijfde
- five - fifth
- zes - zesde
- six - sixth
- zeven - zevende
- seven - seventh
- acht - achtste
- eight - eighth
- negen - negende
- nine - ninth
- tien - tiende
- ten - tenth
- elf - elfde
- eleven - eleventh
- twaalf - twaalfde
- twelve - twelfth
- dertien - dertiende
- thirteen - thirteenth
- veertien - veertiende
- fourteen - fourteenth
- vijftien - vijftiende
- fifteen - fifteenth
- zestien - zestiende
- sixteen - sixteenth
- zeventien - zeventiende
- seventeen - seventeenth
- achttien - achttiende
- eighteen - eighteenth
- negentien - negentiende
- ninetteen - nineteenth
- twintig - twintigste
- twenty - twentienth
- de winkel
- the shop, store
- het kantoor
- the office
- de stad
- the city
- zondag
- Sunday
- Duitsland
- Germany
- Frankrijk
- France
- Spanje
- Spain
- Zwitserland
- Switzerland
- Oostenrijk
- Austria